Stichtse Vecht

Categorie: Ongecategoriseerd
Gepubliceerd op maandag 04 november 2013 13:40
Geschreven door DE REE archiefsystemen
Hits: 25822

De gemeente Stichtse Vecht is op 1 januari 2011 ontstaan door samenvoeging van de voormalige gemeenten Maarssen, Breukelen en Loenen. De gemeente heeft zo'n 63.000 inwoners. Stichtse Vecht ligt tussen de steden Amsterdam en Utrecht en telt een aantal kernen, veelal bestaand uit dorpen of buurtschappen. Ruwweg van noord naar zuid zijn er de volgende kernen: Nigtevecht, Vreeland, Loenersloot, Loenen aan de Vecht, Nieuwersluis, Nieuwer Ter Aa, Breukelen, Kockengen, Maarssen, Maarssenbroek, Tienhoven, (Oud) Maarsseveen, Molenpolder en Oud Zuilen.

Van oudsher vormde de rivier 'De Vecht' een belangrijke verkeersader. Hoewel de Romeinen en later ook de Vikingen de Vecht gebruikten en de rivier in de vroege middeleeuwen een belangrijke handelsroute was tussen de Oostzeelanden en het Rijnland, bleef eerste bewoning beperkt tot de oeverwallen en enkele hoger gelegen plekken in het veenmoeras. Pas nadat het drassige land ontwaterd werd tijdens de grote ontginning door ontwateringssloten dwars op de rivier te graven werd het land bruikbaar en bewoning en agrarisch bedrijf mogelijk. Het zuidelijke stroomgebied van de Vecht kwam merendeels te vallen onder het Sticht Utrecht, het noordelijke stroomgebied onder het Graafschap Holland. Na een stevige machtsstrijd tussen de Utrechtse bisschop en de graven van Holland waren de grenzen tussen het Sticht en Holland vastgelegd. Een aantal kastelen, zoals slot Zuilen, kasteel Nijenrode en ridderhofstad Gunterstein herinneren aan deze strijd. Zeer kenmerkend voor de Vechtstreek was het grote aantal buitenplaatsen met bijbehorende tuinhuizen en theekoepels. Zij werden in de Gouden Eeuw door met name vermogende kooplieden uit Amsterdam gebouwd. Voorbeelden van dergelijke buitenplaatsen op het grondgebied van de Stichtse Vecht zijn Over Holland, Vreedenhof, Doornburgh en Goudestein.

Met name voor het vrachtverkeer was het vervoer over water een goed alternatief. In 1821 bepaalde koning Willem I dat er een vaarroute tussen Amsterdam en Keulen geschikt moest worden gemaakt voor grote Rijnschepen. De Vecht was onderdeel van deze zogenaamde Keulse Vaart. Na de opening van het Merwedekanaal (nu Amsterdam-Rijnkanaal) in 1892 verloor de Vecht zijn functie voor de binnenscheepvaart.

Momenteel is de Stichtse Vecht, door de toenemende welvaart en vrije tijd en de vele mogelijkheden die de Vechtstreek en de nabijgelegen plassengebieden op landschappelijk en cultureel gebied te bieden hebben, een geliefde plek voor recreanten.

Rechtsvoorgangers Stichtse Vecht